Angry Birds

angry_birds___chuck__yellow____super_high_quality__by_tomefc98-d5fzae7

Ik weet nu nog niet hoe het gekomen is. Op de een of andere manier leek het een goed idee. Of in ieder geval wel te doen. Maar gistermiddag was weer een keiharde reminder. Bovenaan de to-do-lijst op een vrije dag hoort te staan: BOODSCHAPPEN DOEN. Niet de winterbanden voor zomerbanden laten omwisselen bij de garage, niet de was doen en al helemaal niet een uur zitten facebooken tijdens de lunch… BOODSCHAPPEN DOEN. Terwijl de kinderen nog op school zitten dus.

In een vlaag van verstandsverbijstering was ik dit even vergeten. Dus daar stond ik dan. Om half vier. In de Plus. Met twee moegestreden kinderen op vrijdagmiddag. Eigenlijk waren ze nog verbazingwekkend goed gemutst, waardoor gelukkig het aloude Blijf nou van hem af! Niet op de wagen hangen! en Leg dat eens terug! achterwege kon blijven. Nee, mijn kinderen hebben inmiddels de leeftijd dat ze méé willen denken over de boodschappen. Een niet minder vermoeiend proces.

Het begon al met het feit dat we naar de Plus moesten en niet naar de Albert Heijn, want bij de Plus hebben ze Angry Birds. Daar kun je punten mee scoren in de klas blijkbaar en bovendien kan je ze stapelen en een zo hoog mogelijke toren maken en dat is leuk. Dus ben je een hele stomme moeder als je je vertrouwde supermarkt, waar je in een kwartier doorheen bent, niet voor een maand links wil laten liggen voor de Angry Birds supermarkt. Zo zit dat nou eenmaal, in het boodschappenuniversum.

Maar het meedenken over de boodschappen blijft helaas niet alleen beperkt tot de keuze van de supermarkt, want eenmaal binnen ging dat ongeveer zo:

  • Mam, zullen we taart nemen? Want het is toch weekend?
  • Nee, geen taart, maar jullie mogen wel koekjes uitzoeken.
  • Oh kijk mam, daar liggen stukjes perzik, mogen we die proeven?
  • Ja hoor.
  • Hee mam, wist je dat komkommers voor 90% uit water bestaan?
  • Ja, dat wist ik wel zo ongeveer.
  • Gaan we al naar de kassa?
  • Nee.
  • Mam, zullen we zo’n fles vullen met sinaasappelsap?
  • Nee.
  • Waarom niet?
  • Daarom niet.
  • Zo’n klein flesje dan?
  • Nee.
  • Waarom niet?
  • Omdat ik dat niet wil.
  • Maar waarom dan niet?
  • Gewoon, ik vind het niet nodig. Nu moet ik even nadenken over het eten van vanavond.
  • Gaan we al naar de kassa?
  • Nee.
  • We hebben echt een superleuk circuit met gym gedaan. Je moest eerst touwtje springen, toen met een basketbal tegen de muur, toen jumping jacks…
  • Weet je, ik wil het heel graag horen, maar mag het straks als we thuis zijn? Ik moet nu echt over de boodschappen nadenken.
  • OK. Hebben we siroop nodig?
  • Nee.
  • Oh, want als je iets van Karvan Cevitam koopt, kun je een siroopdispenser winnen.
  • Een wat?
  • Een siroopdispenser. Dat is handig voor als we veel kinderen op visite hebben.
  • Oh ja. Nou, doe maar zo’n klein flesje dan.
  • Jeej.
  • Gaan we al naar de kassa?
  • Nee.
  • Hee mam, jij zei toch dat we morgen patat eten?
  • Ja.
  • Zullen we dan deze nemen?
  • Nee, we hebben altijd die uit de vriezer.
  • Maar die zien er heel lekker uit!
  • Ja, maar die zijn twee keer zo duur.
  • Oh.
  • Kijk, daar staan de verzamelboeken voor de Angry Birds! Mam, doen we ook meteen zo’n boek? Dat is handig.
  • Nou, zullen we eerst eens even kijken wat het allemaal is? Dan kan zo’n boek altijd nog.
  • Oh en ze hebben ook grote pluche Angry Birds! Die krijg je met een volle spaarkaart!
  • Ja, en 5 euro bijbetalen…

Bij de kassa helpen ze lief met de boodschappen op de band plaatsen en daarna met alles in de kratten doen. Denk je dat je héél even, vijf minuutjes maar, geen vragen hoeft te beantwoorden, begint de kassière:

  • Wilt u koopzegels?
  • Nee, bedankt.
  • Wilt u Angry Birds?
  • Ja, graag.
  • Wilt u de bon?
  • Ja, graag, want we willen meedoen aan die Karvan Cevitam actie. Waar staat die box ergens, waar de bon in moet?
  • Ik weet het niet. HENK! WAAR STAAT DIE KARVAN CEVITAM BOX? Oh ja, bij het inpakpapier.
  • OK, bedankt.
  • Wilt u meesparen voor de swizzels?
  • De wat?
  • De swizzels. Dat is een kussen waar je ook een knuffel van kan maken.
  • Jaaaa mam, zo een wil ik echt al heel m’n leven!
  • Eh, nou, vooruit dan maar.
  • De spaarkaarten liggen daar.
  • OK, bedankt.

En net als ik de bon in de Karvan Cevitam box heb gestopt, de spaarkaarten voor de pluche Angry Birds én de swizzels bij elkaar heb gegrist, de kratten in de kar heb geladen, de lege flessen heb ingeleverd, een pak soja melk voor een pak amandelmelk heb omgeruild en de batterijen heb ingeleverd, staat buiten de Angry Birds maffia ons op te wachten. Uit zeven kindermonden tegelijk klinkt het ‘Heeft u nog Angry Birds??’

Ik wil gillen. NEE!!! IK HEB GEEN ANGRY BIRDS!! ZIE JE NIET DAT IK ZELF MET TWEE KINDEREN VAN PRECIES JULLIE LEEFTIJD NAAR BUITEN KOM?? STELLETJE UILSKUIKENS!! OVER EEN MAAND LIGGEN DIE ANGRY BIRDS OP JULLIE KAMERS IN EEN HOEKJE TE VERSTOFFEN!!

Maar ik zeg, keurig glimlachend: ‘Nee jongens, wij nemen ze zelf mee naar huis. Maar veel succes nog hoor, vanmiddag!’ Echt waar, hoe ik het nog uit m’n mond weet te krijgen … Ik weet het zelf ook soms niet.

 

 

Advertenties

Boodschappenblues

0b60613b-e4eb-4552-864f-7769c0e7b865_shutterstock_81544639_winkelwagen_supermarkt_boodschappen_LR_490x330

Zo, we zijn er weer. In Nederland, in ons dorp, in ons eigen huis. De kinderen op hun oude school, Bas weer aan de slag en ik? Ik doe mijn uiterste best om me niet als een buitenlander in mijn eigen land te voelen.

Over het algemeen gaat dat best goed. Het is ontzettend gezellig om weer zo dicht bij alle familie in de buurt te zijn, om op het schoolplein weer alle bekende mensen tegen te komen, een praatje te maken, me weer welkom te voelen. Maar soms betrap ik mezelf erop dat ik iets raars en heel on-Nederlands doe. Of dat ik juist een beetje schrik van hoe sommige dingen gaan. En gingen die dingen dan altijd al zo en is me dat nooit opgevallen?

Neem nou de supermarkt. De eerste keer weer naar de Albert Heijn kon je toch wel een cultuurshock van jewelste noemen. Met goede moed liep ik met mijn boodschappentassen richting de wagentjes en wilde er eentje pakken, toen ik *snok* merkte dat die aan elkaar vastzaten. Oh ja, die zitten natuurlijk altijd met zo’n kettinkje en dan heb je zo’n muntje nodig… Voordeel van al die mensen die hun muntje terug willen is wel dat niemand zijn wagentje midden op de parkeerplaats laat slingeren, wat in Amerika dan weer heel gewoon is. En waar ze speciaal iemand in dienst hebben die de hele dag achtergelaten winkelwagentjes van het parkeerterrein weer naar de winkel terugbrengt.

Anyway, eenmaal binnen schoot ik haast in de lach om hoe klein het was. De keuze in groenten en fruit is eigenlijk wel vergelijkbaar, alleen ligt er gewoon van alles veel minder. Tien meloenen in plaats van zeventig. Eén zo’n zwarte bak met sperziebonen in plaats van vier. Het verschil zit hem vooral in de rest van de schappen. Waar ik bij de Stop and Shop een heel pad kon doorlopen met aan de ene kant alleen maar potten tomatensaus en aan de andere kant alleen maar verschillende soorten pasta en het volgende pad bestond uit aan de ene kant koffie en thee en aan de andere kant vruchtensap (maar dan weer geen jus d’orange, want die had een heel eigen pad), waarbij een pad ongeveer drie keer zo lang was als een pad in onze Albert Heijn, ben ik hier in een vloek en een zucht door de winkel heen. Lekker overzichtelijk hoor! Ik weet nog, de eerste maanden in de VS kon ik echt úren door de winkel dwalen en na een jaar ontdekte ik nog steeds schappen met producten die ik daarvoor gewoon over het hoofd had gezien. En die winkelbediendes moeten toch op een gegeven moment ook gedacht hebben: ‘Oh god, daar heb je haar weer met al d’r vragen, ik steek m’n hoofd even tussen de melkpakken…’

Verder is het in Amerika gebruikelijk om, als je langs iemand loopt en daarbij diegene het zicht beneemt op het schap waarin hij iets aan het uitzoeken is, even ‘excuse me’ te zeggen. Dus ik steeds maar ‘Sorry’, ‘Pardon’, ‘Sorry’, ‘Even erlangs hoor, sorry’, totdat ik zag dat de mensen naar me keken of ik van een andere planeet kwam. Dus toen ik zelf even iets stond te zoeken en een man plompverloren mijn kar vastpakte, er met z’n volle gewicht overheen ging hangen en net het laatste pakje herfstthee weggriste, ben ik met de beleefdheden maar gestopt.

Het gedrag in de rij voor de kassa is ook het bestuderen waard. Het is mij opgevallen dat de Amerikanen vaak het gevoel hebben ergens recht op te hebben. Zoals het recht om zo snel mogelijk geholpen te worden bij de supermarktkassa. Het gebeurt dan ook zelden dat er meer dan twee mensen in de rij staan. Maar mocht het toch een keer voorkomen en er komt een kassa bij, dan gaat in goede harmonie degene die vooraan stond naar de nieuwe kassa, omdat die tenslotte al het langst staat te wachten.

De Nederlanders zijn het meer gewend om in de rij te staan, merk ik. Maar als er dan een kassa bijkomt… De honden lusten er geen brood van. Degenen die achteraan de rij staan, hebben natuurlijk de beste helicopterview welke kassa er open gaat en die sprinten dan, een ware stofwolk achterlatend en als het moet met ellebogenwerk, naar die kassa, de mensen voor hen, die nog staan te worstelen met te zwaar beladen karren en overwerkte wieltjes, verslagen achterlatend.

Ik lees wel eens verhalen van buitenlanders die in Nederland wonen en als het over de eigenaardigheden van Nederlanders gaat, komt het voorpiepen in de rij ook vaak voorbij. Ik vond dat altijd een beetje raar, was me nooit opgevallen, maar nu zie ik het ook! Toch een beetje buitenlander in eigen land dus.

Vorige week, het was nog schoolvakantie, sprak ineens een man met zwaar Duits accent mij aan in de Albert Heijn: ‘Do you speak English?’. Ach, ik ben toch altijd weer een beetje vertederd als ik erachter kom dat er echt mensen zijn die ons dorp kiezen als bestemming voor hun zomervakantie. Toen ik zijn vraag bevestigend beantwoordde, liet hij me een pakje koffiemelk zien. ‘I’m looking for cream, do you think this is it?’ ‘Well, that depends what you want to use it for. Is it for your coffee or to cook with?’ Hij wilde ermee koken, dus ik bracht hem naar het koelschap en trok er een flesje kookroom uit. Overspoeld door een gevoel van herkenning en heimwee, zei ik: ‘If there’s anything else I can help you with, just let me know.’

Een paar minuten later zag ik hem bij de flessen Spa Rood met een smaakje staan zoeken. Toen hij me zag, zei hij: ‘Oh hi, I’m looking for just plain water, not carbonated’. Ja eh, meneer de Duitser, zo makkelijk kom je er natuurlijk ook weer niet vanaf. Weet je wel hoe lang ik erover gedaan heb om de pastasaus te vinden die we allemáál lekker vonden? Beetje verdwaald raken in de Albert Heijn… Amateur.