Goedgelovig

Goedgelovig

Ik ben zo iemand die je altijd in de maling kan nemen. Als kind was ik supergevoelig en ik kon er slecht tegen als iemand een grap met me uithaalde. Ik kan me dat gevoel nog zo goed herinneren, als ik maar dácht dat ik werd uitgelachen. Eerst die trillip, terwijl je nog probeerde je in te houden. Dan kon ik nog net met een piepstem uitbrengen ‘Daar moeten jullie niet om lachen!’, om vervolgens toch in hartverscheurend huilen uit te barsten, waar ik dan alleen nog maar bozer van werd. Als de kinderen daar nu wel eens last van hebben, spat ik haast uit elkaar van herkenning. Ik snap het jongens, ik snap het! Het lot heeft alleen bepaald dat ik de jongste ben van drie meiden, dus ik ontkwam natuurlijk niet aan de nodige plagerijen en grappen. En hoe jammer ook, ik ben er nooit mijn goedgelovigheid door kwijtgeraakt, want ook nu als volwassene heb ik het nooit door. Ik trap overal in.

Het is natuurlijk reuze schattig, zo iemand die alles gelooft. Maar ik wil niet schattig zijn. Ik wil een vrouw van de wereld zijn met een killer instinct voor leugens en andere onwaarheden. Kijk, de mensen die ik goed ken, daarvan weet ik inmiddels wel wat voor vlees ik in de kuip heb. Toen ik nog in Nederland werkte, had ik een collega, en die zei eigenlijk nooit iets serieus, ook al kwam het er heel serieus uit. Zolang ik maar voorbereid ben, is er niks aan de hand. Dan kan ik soms zelf ook nog best gevat uit de hoek komen. Maar in de supermarkt bijvoorbeeld, als je 6 pakken wc papier koopt en de man achter de kassa zegt: ‘Per 12 zijn ze in de aanbieding hoor!’ en ik dan zeg: ‘Oh ja? Bedankt! Dan ga ik nog wat pakken halen!’ en dat de hele rij achter je dan in de lach schiet en de man achter je opmerkt: ‘Virusje onder de leden?’ Dat dus. Daarom heb ik besloten om maar eens wat minder goedgelovig te worden. Toughen up!

Zo kon het gebeuren dat ik afgelopen zaterdag naar de autodealer ging voor een servicebeurt. De parkeerplaats stond hartstikke vol en daarom moest ik helemaal achteraan parkeren, best een stuk van de service ingang vandaan. En natuurlijk was ik weer vergeten om thuis mijn auto leeg te ruimen, dus al mopperend begon ik aan de tour de force om alle KitKat wikkels, afgebroken stukken cracker, lege waterflesjes, haarelastiekjes, takjes, gedroogde bladeren, losse M&M’s, Goldfish (kaascrackertjes ter grootte van een stukje popcorn, in de vorm van een visje) en chipszakjes uit de deuren en onder de stoelen vandaan te halen. Bij gebrek aan een vuilnisbak op het parkeerterrein propte ik alles maar in mijn tas.

Eenmaal binnen, zat daar een wat oudere man, die vroeg waar ik mijn auto geparkeerd had. Hij was duidelijk het hulpje van de garage, de laagste in de pikorde. Triestigheid hier in de VS, hoe lang mensen moeten doorwerken om nog een beetje rond te kunnen komen. Maar goed, ik zei dat ik helemaal achter stond en hij bood heel vriendelijk aan om de auto wel even te gaan halen. Terwijl ik de papieren stond in te vullen, kwam hij na een tijdje weer binnen en zei: ‘We hebben een probleem. Ik kwam achteruit de parkeerplaats uit en er was een auto achter mij komen staan die ik niet had gezien en daar ben ik tegenaan gereden.’ En ik dacht: huh huh, natuurlijk, dus ik zei: ‘Pffffwhahaha, you’re kidding, right?!’ De goede man kromp terplekke vijf centimeter in elkaar en zei zacht: ‘Eh nee, dat is echt gebeurd. Ik vind het heel erg. Misschien kunt u even mee naar buiten lopen om te komen kijken?’ Nou, lekker dan, bitch die ik er was. Nu had ik precies gedaan wat ik probeer te voorkomen door zelf geen mensen voor de gek te houden: iemand gekwetst.

Toen ik thuiskwam, was ik wel toe aan een borrel, maar het zou niet zo’n soort dag zijn als de wijn niet op was. Ook nog maar even naar de wijnhandel dan. Bij de kassa stalde ik mijn flessen uit, trok mijn portemonnee uit mijn tas en tegelijkertijd vlogen er twee Goldfish en een zwart-wit gestreept Halloween armbandje met daaraan een zwarte kat over de toonbank. Met heksenhoed op. Ik schoot in de lach en keek de jongen achter de kassa verontschuldigend aan. ‘Hey, I don’t judge what comes out of other people’s wallets’, zei hij. ‘Although I have to say, I think that was a first.’

Ik weet nu nog niet of hij een grapje maakte.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s