Angst

AA019259

Toen ik twintiger was en kinderloos, was ik een superheld. Onoverwinnelijk en onverwoestbaar. Mijn tienerjaren waren al kabbelend gekomen en gegaan, zonder heftige puberteit, drankgelagen, drugs of noemenswaardige seks. Die jaren tussen de twintig en dertig vond ik veel leuker. Ik verdiende m’n eigen geld, had een leuk vriendje, ging voor het eerst op mezelf wonen, de wereld lag aan mijn voeten. Vooral tijdens onze vakanties waren we als God in Frankrijk. We dronken wijn uit de fles, gingen met ons tweeverdienerssalaris overal heen en hadden seks in de buitenlucht.

Bovendien was ik nergens bang voor. In Thailand gingen we de beruchtste straten van Bangkok in en vochten we ons een plekje op de speedboat terug na de full moon party. In Nieuw-Zeeland gingen we abseilen een donkere grot in, waarna je met een duikpak aan door het ijskoude water in het donker je weg naar buiten moest vinden. We gingen parapenten, met storm op zee naar walvissen kijken en in ieniemienie bootjes met 80 km per uur door de bochten. Als het maar gevaarlijk was en lekker veel adrenaline opleverde.

Toen kwamen de zwangerschappen en daarmee gepaard de hormonen. Echt waar, als iemand me had verteld dat ik zo’n schijtlaars zou worden, was ik er misschien nooit aan begonnen, dat hele kinderverhaal. Toegeven, op wonderlijke wijze hebben de zwangerschapshormonen mij wel genezen van de hooikoorts, maar dat is dan, qua hormoonspiegel, ook het enige dat ik ermee ben opgeschoten. Want er is geen lol meer aan met mij.

Vorige zomer gingen we naar de Niagara watervallen en als je daar bent, ontkom je niet aan The Maid of the Mist. Dat is een bootje dat per keer ongeveer 70 in felblauwe regenponcho’s gehulde toeristen naar de voet van de Niagara watervallen brengt. Eerst valt het allemaal nog mee, de boot vaart langzaam langs het Amerikaanse gedeelte, op een prettige afstand. Maar dan komen de Horseshoe falls in zicht, de veel grotere waterval aan de Canadese kant. Steeds dichter en dichter kwamen we bij het enorme geweld en de herrie. We werden drijfnat, ondanks die stinkende, plakkende, vervloekte poncho’s en toen we daar maar lang genoeg bleven ronddrijven, dacht ik ineens: ‘Shit, volgens mij kan hij niet meer weg. Straks is de motor kapot en drijven we zo die waterval in.’ ‘ Bas, zie jij waar de reddingsvesten liggen?!’, schreeuwde ik boven het geraas van de waterval uit. ‘Hè? Ja, ik geloof hier ergens!’ Aan mijn geestesoog zag ik Anne en Daan voorbijdrijven tussen stukken wrakhout en net toen ik instructies wilde gaan uitdelen (jij blijft bij Daan, dan pak ik Anne), zette de boot weer in volle vaart koers naar het vertrekpunt. Ik was kwaad op mezelf. Stomme muts, waar is nou die stoere chick van 10 jaar terug?

Maar angst bleek die dag op meerdere manieren een ongrijpbaar fenomeen. Een andere attractie bij Niagara is de Cave of the winds. Een soort houten trappen met plateaus op verschillende hoogten, waar je heel dichtbij de waterval kan komen en dus ook héél nat kan worden. Daan is als de dood voor water. Zwemles moet ik hem aan z’n haren naartoe slepen en onder de douche wil hij diezelfde haren liever helemaal niet gewassen hebben, maar als het dan toch moet, bij voorkeur met een duikbril op. Op die plateaus was de kracht van de machtige waterval voelbaar. De slagregens geselden nietsvermoedende toeristen die geschrokken maakten dat ze wegkwamen. En wat deed Daan? Hij had de tijd van z’n leven terwijl hij daar in zijn allang gescheurde (dit keer in modieus geel meegeleverde) poncho door- en doornat werd. Schiet mij maar lek. Terwijl ik ondertussen alleen maar kon denken: ‘Zou dat nou niet glad worden, zo’n houten vlonder?’ Chicken shit.

 

Viagra

Pillenhart

Een van de irritantste dingen van wonen in Amerika is televisie kijken. En niet alleen omdat er ongeveer elke week een nieuwe serie gelanceerd wordt, een tempo dat volgens mij zelfs de meest ‘die hard’ werkloze couch potato onmogelijk bij kan houden, en ook niet vanwege het schier oneindige aanbod aan kanalen, zoals daar zijn JewelryTV, Smile of a child Channel (religieuze kindertv), The Military Channel en The Liquidation Channel (what the…??), of vanwege de hopeloze brij aan sport en nieuws die voorbijkomt.

Nee, het is de reclame. Nou zijn de reclames zelf niet heel veel beter of slechter dan in Nederland. Het is allemaal een beetje van het niveau ‘fastfood is heus wel lekker en gezond’ en ‘in ons warenhuis verkopen we niet alleen fijne pyjama’s, maar ook kerstbomen!’ Trouwens wel opvallend veel reclames waarin vrouwen overladen worden met diamanten. Vandaar dat JewelryTV natuurlijk.

Het irritante zit hem in de hoeveelheid onderbrekingen. Elke 5 minuten is er wel een break. En terwijl je in Nederland tijdens de pauze met gemak een douche kan pakken en dan ook je tanden nog wel kan poetsen, is er in de VS niet eens tijd om een borrel in te schenken. Gelukkig blijven de meeste reclames ons bespaard door de fantastische uitvinding van digitale tv en daarmee de mogelijkheid om je programma te pauzeren en daarna de reclame door te spoelen. Een godsgeschenk. Maar zo af en toe, net na het programma, of vlak voordat het weer begint, pik je er wel eens eentje mee.

En nou zit er bij tijd en wijle een reclame tussen, die mij steeds weer een combinatie van uiterste verwondering en de slappe lach bezorgt. Die gaat zo.

Een man en een vrouw zitten op de bank sport te kijken. Zij net zo enthousiast als hij, ze springen samen op als er gescoord wordt. Voice over: ‘She loves a lot of the same things you do. It’s what you love about her. But your erectile dysfunction, that could be a question of blood flow.’

Zo. Die had ik niet zien aankomen. Het beeld verspringt naar een ander stel, dat samen verhuisdozen staat uit te pakken en liefdevol naar een oud fotoboek kijkt. De kordate reclamestem vervolgt: ‘Cialis tadalafil for daily use helps you to be ready any time the moment’s right. You can be more confident in your ability to be ready.’ Oké, tot nu toe gaat het nog goed. Afgezien van het feit dat ik zelf nog nooit zin heb gekregen tijdens het kijken van een wedstrijd en al helemáál niet tijdens het uitpakken van verhuisdozen, wil ik zover nog wel met ze mee. Maar nou komt het: ‘And the same Cialis is the only daily ED tablet approved to treat ED and symptoms of BPH.’ Huh? Ben ik nou blond? Of zou de gemiddelde Amerikaan zonder erectieproblemen hier ook geen chocola van kunnen maken?

En terwijl ik me zou kunnen voorstellen dat mannen met problemen ‘in the sack’, om het zo maar even te zeggen, tot op dit punt nog zouden kunnen overwegen om het aangeprezen medicijn te kopen, wordt deze bereidwilligheid in de daaropvolgende minuut genadeloos teniet gedaan. Want: ‘Do not take Cialis if you take nitrates for chest pain, as this may cause an unsafe drop in blood pressure (en dus instant slappe piemel?). Do not drink alcohol in excess with Cialis. Side effects may include headache, upset stomach, delayed backache or muscle ache. To avoid long term injury, seek immediate medical help for an erection lasting more than 4 hours. (Grinnik. En ook: au…) If you have any sudden decrease in hearing or vision, or if you have any allergic reactions, such as rash, hives, swelling of the lips, tongue or throat, or difficulty breathing or swallowing, stop taking Cialis and get medical help right away. Ask your doctor about Cialis for daily use and a 30 tablet free trial.’

Terwijl ondertussen de eerdere stellen gemoedelijk door het park wandelen en samen een tuinbank aan het schilderen zijn. Nog meer van die opwindende bezigheden. Maar effe serieus. Problemen met het gehoor en zicht? Van Viagra? Ik zou er persoonlijk direct van genezen zijn. Figuurlijk dan hè?

Slaapplek

slaapplek

Nog voordat we goed en wel naar Amerika vertrokken waren, hadden diverse mensen al aangekondigd dat ze ons zouden komen opzoeken, als we er eenmaal woonden. ‘Leuheuk! Hebben we er een vakantieadresje bij!!’ hoorde je ineens de meest vage sportvrienden en verre neven en nichten roepen. Gelukkig deed ook de meest naaste familie die belofte en zo waren we een aantal weken geleden bezig met het inrichten van de gastenkamer voor mijn zus, zwager en neefje.

Om dit achterlijk grote huis wat minder leeg te maken, hadden we een paar maanden geleden al een slaapbank op de kop getikt, die we een plekje hadden gegeven in de speelkamer. Ja, ja, de SPEELkamer. We hebben zoveel kamers dat we van gekkigheid ook maar zo’n typisch Amerikaanse speelkamer hebben ingericht. Dat is een, meestal in de kelder gelegen, schimmelig donker hol waar al het speelgoed is weggestopt, in de hoop dat de kinderen daar gaan spelen als de grote mensen willen praten. Omdat die arme Amerikaanse kindertjes niet beter weten, doen ze dat meestal ook, maar die van ons zijn er niet heen te sláán. Wij dachten in al onze onschuld nog dat het aan gebrek aan meubilair lag, maar ook nu met gezellige slaapbank, slepen ze steeds het speelgoed waar ze mee willen spelen gewoon mee naar boven, naar het daglicht. Neem het ze maar eens kwalijk.

Afijn, op de kop getikt is niet helemaal waar, wat die bank betreft, want we hadden hem op de lokale Marktplaats (Craigslist) zien staan voor $25, maar toen we hem kwamen bezichtigen en mee bleken te willen nemen, kreeg de eigenaresse last van wroeging en gaf hem gratis aan ons mee. Achteraf bleek waarom.

Goed gastvrouw als ik placht te zijn, dacht ik: ik wil die bank eerst wel eens testen, voordat ik mijn zus met toch al gebroken nachten (want kind van anderhalf) en zwager met zwakke rug voor drie weken daarop laat slapen. De mevrouw van Craigslist had al gezegd: het matrasje is wel dun hoor, ik legde er altijd nog een campingmatje bovenop. Oké, oké, een gratis bank niet in de bek kijken en wij hebben superdeluxe slaapmatjes, dus dat moet goed komen. Toen het geheel eenmaal stond (bank uitgeklapt, matjes erop die samen veel breder waren dan het matrasje, lakens, kussens en dekens erop) zag het er zo comfy uit dat de kinderen direct aanboden om als eerste proef te draaien, wel samen natuurlijk. De volgende ochtend waren de complimenten niet van de lucht: ‘Nou, het lag echt véél lekkerder dan m’n eigen bed!’

Het was dus met grenzeloos vertrouwen dat ik ’s avonds tegen Bas zei:
‘Wij gaan op het logeerbed slapen vanavond.’
Ongelovige stilte
‘Hoezo?’
‘Omdat ik even wil kijken hoe het slaapt.’
‘Ben je wel lekker, ik moet morgen gewoon werken hoor!’
‘Joh, de kinderen zeggen dat het prima slaapt, het is maar 1 nachtje, ik wil gewoon weten hoe het ligt.’

Nou, dat heb ik geweten. Wat een helnacht! Het lag alleen goed in het midden, want aan de rand kiepte je eraf en het bed liep af richting het voeteneind, waardoor we tegen de ochtend in foetushouding kermend in een hoopje lakens wakker werden.

Die slaapbank ging hem niet worden dus, maar wat dan? Na alle opties de revue gepasseerd te laten hebben, besloot ik dat de matrassen van ons bed naar de gastenkamer moesten en dat wij de campingmatjes op onze lattenbodem zouden leggen. Zo hadden de gasten een goed matras en hoefden wij niet met de matjes op de vloer. En ondanks dat Bas vond dat ik nu helemaal was doorgedraaid, sliepen wij drie weken op onze campingmatjes. Zoals dat in goede huwelijken gaat.

Afgelopen vrijdag zijn ze vertrokken. En konden we onze eigen matrassen weer naar boven sjouwen en héérlijk slapen. De volgende avond lagen we in bed nog wat te praten, toen ik ineens heel hard KNAK hoorde.

‘Wat was dat?’
‘M’n knie.’
‘Jeetje, dat was hard.’
KNAK!
‘Wat was dát?’
‘M’n rug.’
‘Allemachtig joh, wat is er met jou aan de hand?’
‘Ja, hallo, eerst laat je me drie weken op een matje slapen in m’n eigen bed en dan vind je het gek als er af en toe iets knakt?’
‘Ja gezellig, laten we het daar nog eens over hebben…’
‘Ik begon niet, het was m’n knie!’

Storm stress

hurricane

Vlak voordat wij naar New Jersey verhuisden, heeft orkaan Sandy hier enorm huisgehouden. Meer dan twee miljoen huishoudens zaten langer dan een week zonder stroom, 346.000 huizen gingen verloren en 37 mensen kwamen om. De totale schade bedroeg 30 miljard dollar. Afgezien van de enorme menselijke tragedie, die je je niet kan voorstellen tenzij je zoiets zelf een keer hebt meegemaakt, is het toch ook enigszins beangstigend als je weet dat je je o zo veilige huis in Nederland gaat omruilen voor een houten huis, op de top van een heuvel, omgeven door grote bomen, in een orkaangevoelig gebied. Gelukkig ben ik een expert in mijn kop in het zand steken en is mijn antwoord op bijna alle belangrijke levensvragen: ‘Dat zien we dan wel weer!’. Het klinkt ook altijd zo lekker opgeruimd.

Maar goed, nu we hier alweer een half jaar wonen, de herfst zijn intrede doet en mij via verschillende media berichten bereiken dat het ‘hurricane season’ eraan komt, lijkt het toch niet onverstandig om de mailing van de gemeente eens wat uitgebreider te bestuderen. ‘PREPARE FOR THE NEXT EMERGENCY – BE STORM INFORMED!’ kopt deze mail luid en duidelijk. De hoeveelheid informatie waar ik vervolgens op stuit doet mij al bijna besluiten om toch maar die paar overhemden nog te gaan strijken (en daar is héél wat voor nodig, om mij zin te laten krijgen in strijken…), maar ik dwing mezelf om verder te lezen. Als je alleen al leest welke soorten rampspoed hier blijkbaar geregeld de revue passeren, zou je spontaan met hangende pootjes terug naar het vaderland afreizen: tropical storm, hurricane, high winds, storm surge, flooding, tornadoes, rip currents… Hadden we Anne nou toch maar haar C-diploma laten halen.

Qua voorbereiding is het eigenlijk het belangrijkste om ervoor te zorgen dat je weet waar je zaklamp ligt (en dat daar dan ook batterijen in zitten) en dat je een voedselpakket samenstelt. Dit voedselpakket moet bestaan uit houdbare voedingsmiddelen, zoals gedroogd fruit, noten en groenten in blik. Het is ook belangrijk dat je probeert zoveel mogelijk vertrouwd voedsel in te slaan, zodat je, wanneer je met je gezin bij het licht van de zaklamp in een donkere schuilkelder een blikje koude worteltjes moet gaan zitten eten, je kinderen je dankbaar aankijken dat je niet voor de artisjokharten hebt gekozen. Nou… dat wordt nog lastig! Vorige week had ik het lef om een blik sperziebonen op te warmen in plaats van verse sperziebonen klaar te maken, toen had je het commentaar moeten horen. En gedroogd fruit?? Ben ik nou een hele slechte moeder als ik zeg dat wij dat eigenlijk nooit eten?

Maar het wordt nog mooier. Als je nog even verder leest in het stukje over noodvoedsel en watervoorraad, krijg je zelfs instructie om het water uit je waterbed en wc te filteren (uit het reservoir, níet uit de pot…). Voor lange termijn noodvoorraden, wordt het volgende aangeraden (per persoon, per maand): 10 kilo tarwe, 10 kilo poedermelk, 10 kilo maïs, 1 pond zout, 5 kilo sojabonen en 15 gram vitamine C. En dan: ‘Als deze ingrediënten uw enige voedsel zijn, dan moet u ze allemaal eten om gezond te blijven. Om ernstige darmproblemen te voorkomen, moet u het maïs en de tarwe tot meel vermalen en het koken, net als de bonen. Verzeker u ervan dat u een handmolen koopt die ook maïs kan malen. Mocht u zonder molen komen te zitten, vul dan een grote bak met een laagje tarwe, houdt deze vast tussen uw voeten en sla het tarwe fijn met een pijp of buis.’ Ik verzin het echt niet. Dit komt niet uit de ‘bereid je voor op Expeditie Robinson survival gids’, dit is een serieuze overheidswebsite.

Nog even verder klikkend kom ik op de site van het Amerikaanse Rode Kruis, waar een vriendelijk glimlachende Jamie Lee Curtis ons in een filmpje vertelt dat het allemaal zo moeilijk niet is. Met een grote plastic Curverbox voor haar neus en alle benodigdheden voor het gemak onder handbereik, laat ze ons zien dat je met een paar ontbijtrepen, een EHBO-kit en een radio ook een heel eind komt. Oh ja, en een enorme fles bleek. Ik nog denken: mocht je het helemaal niet meer zien zitten, dan kan je die nog leegdrinken, maar nee, dat is om het water te zuiveren. Moet je ook maar weer net de juiste verhoudingen bij de hand hebben, waarvoor iedereen normaliter naar z’n telefoon zou grijpen, maar om het moreel niet verder naar beneden te halen, gaat vrolijke Jamie ons natuurlijk niet toevertrouwen dat je een internetverbinding onder zulke omstandigheden wel op je buik kunt schrijven, en laat ons (nog steeds blakend van gezelligheid) verder in het ongewisse over hoe die bleek dan verder te gebruiken.

We zullen toch aan de bak moeten, vrees ik. Hoe handig zouden de buren zijn in het vermalen van tarwe? Pff…. Ik ga die overhemden strijken.

Ladies Night

wine

‘Are you coming to Ladies Night tomorrow night?’ Met die vraag is de definitieve inburgering bij de schoolmoeders begonnen. Ladies Night? Het blijkt een jaarlijks festijn waarbij alle moeders van de Lincoln school met elkaar eten en waarbij er een loterij wordt georganiseerd. Ik heb geen idee of het wat voor me is, maar omdat ik niet onbeleefd wil zijn (en het zeker geen kwaad kan om nog wat mensen te leren kennen), beloof ik dat ik zal komen.

De twijfel die ik voel, komt door een andere avond, vorige week, toen ik werd uitgenodigd voor een kledingparty bij iemand thuis. Anders dan in Nederland (wanneer je bij zo’n gelegenheid in een kringetje bij iemand in de huiskamer gaat zitten, koffie met een koekje krijgt en de verkoopster aan iedereen tegelijk vertelt wat ze aan de vrouw wil brengen), stapte ik hier een kast van een huis binnen, waar in alle kamers wel iets stond. Kleding in de ene, make-up en overige smeersels in de andere en in de keuken een hele tafel met sieraden. Ik kreeg een glas wijn in m’n handen gestopt en met een vrolijk: ‘Go ahead, take a look around!’ werd ik aan mijn lot overgelaten. Wat me wel de gelegenheid gaf om eens op m’n gemak de lokale omgangsvormen te bestuderen.  De meest voorkomende uitspraken:

  1. (met stip) I LOVE that dress (top, blouse, etc.)
  2. Oh… my… gosh… That’s SO cute!!!!
  3. That is SO your color!!

Ik weet niet, maar het kwam allemaal een beetje gekunsteld op me over. Verder was het me al opgevallen dat bijna alle vrouwen (tenminste hier in dit deel van New Jersey) lang steil haar hebben en niemand heeft een bril. Op elke hoek van de straat zit een ‘nail salon’ en er zijn ook heel veel kappers. Uiterlijk is dus blijkbaar erg belangrijk. En als je dan als enige met kort haar en een bril (want contactlens gebroken) rondloopt, voel je je toch een vreemde eend in de bijt, maakt niet uit hoe stevig je normaal gesproken ook in je schoenen staat.

Met enige gezonde tegenzin sta ik dus voor de kledingkast. Overigens ook met klotsende oksels want om Bas te helpen heb ik alvast gekookt en de kinderen onder de douche gedaan, zodat ze meteen kunnen gaan eten als hij thuis komt en de kinderen dan naar bed kunnen. Met niet heel veel tijd om erover na te denken, trek ik een lange witte linnen broek en een zwart topje uit de kast, graai m’n telefoon met TomTom van de tafel, schrijf nog snel even de cheque om te betalen voor vanavond en race dan weg. Eenmaal aangekomen stap ik de hal van het restaurant binnen en dan weet ik het zeker: ik ben verhuisd naar Stepford. Ik zweer het! Alle vrouwen zien er hetzelfde uit. Hetzelfde lange haar, dezelfde perfecte make-up, dezelfde onberispelijk gemanicuurde handen, dezelfde schilferloze, glanzend gelakte teennagels, hun jurken op dezelfde lengte en dezelfde soort schoenen. Van de 500 vrouwen zijn er nog twee met een broek aan en één met een boblijn.

Maar wat een fantastische avond heb ik gehad…! Je kon voor $20 50 lootjes kopen. Over diverse tafels verspreid stonden 90 manden met prijzen, met daarbij een bakje. Als je kans wilde maken op de prijs, moest je een lootje in het bakje doen dat erbij stond. Simpel zat. Tijdens het eten werd van iedere prijs bekend gemaakt wie hem gewonnen had. En 90 keer hoorde je hetzelfde gilletje: ‘Aaah! That’s me!’ Het was net slapstick!

Het mooiste van de avond was nog wel, dat ik met acht vrouwen aan tafel zat, waarmee ik gedurende de avond best geanimeerde gesprekken heb zitten voeren. In mijn beste Engels, waar ik me volgens mij toch niet voor hoef te schamen. Kom ik de volgende morgen op het schoolplein een van die vrouwen tegen, en die zegt (op die harde toon die mensen gebruiken als ze denken: als ik maar heel hard praat compenseert dat misschien dat ze mijn taal niet spreken): ‘HI, HOW ARE YOU? YOU AND ME: FRIENDS?’